Ford Focus 1.0 EcoBoost ECOnetic
Autotest: Ford Focus 1.0 EcoBoost ECOnetic
Allesbehalve kinderachtig
In kleine auto’s is een twee- of driecilinder geen taboe meer, maar Ford heeft haar nieuwste ‘downsizemotor’ zodanig opgeschaald dat ‘ie sterk genoeg is voor de Focus. Slechts één liter motorinhoud is verdeeld over drie cilinders. Met dank aan een turbo zijn de specificaties allesbehalve kinderachtig, want de motor beschikt over 100 of zelfs 125 pk. De lichtste variant heeft tot 1 juli zelfs 14% bijtelling en is tot 2014 wegenbelastingvrij. Op papier zijn de cijfers goed, maar hoe bevalt zo’n driecilinder Focus in de praktijk?
Digitale bloemblaadjes
De vervanger van de atmosferische 1,6-liter doet het verrassend goed, zo blijkt al gauw. De 125 pk-versie heeft totaal geen moeite met de relatief zware Focus Wagon, die ik als eerste probeer. Met dank aan de turbo trekt de 1.0 EcoBoost er flink aan en is het blok al beneden de 2.000 tpm goed bij de les. Van een turbogat is nauwelijks sprake en daardoor kun je vroeg opschakelen en schakellui rijden. De zesversnellingsbak schakelt soepel en kordaat, met goed gespatieerde bakverhoudingen. Bij een snelheid van 120 km/u draait de motor slechts 2.600 tpm en zie ik een actueel benzineverbruik van zo’n 1 op 15. Met ruim 3.400 km op de kilometerteller betrof dit een goed ingereden exemplaar, die ondanks de actief afsluitbare grille, regeneratie van remkracht, elektrische stuurbekrachtiging en het start-stop-systeem op de snelweg nooit aan het opgegeven van 1 op 20 zou komen. Een leuke zuinigheidsaanmoediging zit op het display van je boordcomputer. In de Ford Eco-mode kun je digitale bloemblaadjes sparen die je belonen voor goed anticiperen, schakelen en snelheid.
Nauwelijks verschil
De 100 pk sterke hatchback die ik daarna rijd heeft een vijfbak en draait daardoor op de snelweg wat meer toeren – zo’n 3.000 tpm bij 120 km/u. Je merkt dat ‘ie iets minder enthousiast op gang komt na het opschakelen. Het verbruik ligt volgens de boordcomputer ook hoger, op de snelweg zelfs rond de 1 op 13. Dit heeft deels te maken met het feit dat de motor slechts een paar honderd kilometer achter de kiezen heeft, maar hoe je ooit in de buurt van de fabrieksopgave van 1 op 20,8 kunt komen blijft een raadsel.
Toch is de trekkracht van de 100 pk-variant er niet minder om, want wat schetst mijn verbazing? Eigenlijk voel ik nauwelijks verschil! Geen wonder als je naar de trekkracht kijkt, beide vermogensvarianten leveren 170 Nm koppel en dat staat vanaf 1.500 tpm paraat. Daardoor voelen ze in de dagelijkse rijpraktijk vrijwel even krachtig aan. Pas boven de 4.000 tpm trekt de 125 pk-uitvoering harder door en in de hoogste versnellingen heeft de sterkste 1.0 EcoBoost een overboost van 200 Nm. Het zou mij niet verbazen als deze versie in de praktijk de zuinigere is, doordat ‘ie met een extra versnelling zijn krachten beter uitspreidt en lagere toerentallen draait. Voor caravantrekkers is het goed om te weten dat het geremde aanhangergewicht van de krachtigste 1.0 EcoBoost met 1.200 kg een niet onbelangrijke 200 kg hoger ligt dan die van de 100 pk-versie.
Attractieve roffel
Door een gelijkmatige en rustige loop voelt de 1.0 EcoBoost niet aan als een driecilinder. Dit heeft Ford bereikt met inventieve technologie: zowel het vliegwiel als de distributiepoelie zijn opzettelijk in onbalans gebracht, zodat vibraties van de krukas geneutraliseerd worden. Je hoort en voelt de driecilinder stationair niet eens lopen, terwijl je tijdens het accelereren een attractieve roffel hoort. Op constante snelheden blijft het mooi stil aan boord. Een ander bijkomend voordeel van deze motor is het lage gewicht. Het hele motorblok past op een A4-blaadje en is daarmee bijzonder compact. Hierdoor heeft de Focus minder gewicht in de neus en stuurt ‘ie nog neutraler door bochten. Een compliment aan de standaard-Focus is dat ik het nauwelijks merk, want qua stuurgevoel en rijeigenschappen zet deze Ford al de maatstaf in zijn klasse.
14 procent bijtelling en BPM-vrij?
Het zijn met name de uitstootcijfers die de Focus 1.0 EcoBoost bevoordelen. De 100 pk-versie heeft als hatchback tot 1 juli 14% bijtelling en tot 2014 een wegenbelastingvrije status. Met een vanafprijs van 20.595 euro voor een goed uitgeruste Trend en 23.095 voor de complete Titanium-uitvoering is de Focus concurrerend geprijsd. Voor de zakelijke rijder zijn de ECOnetic Lease-uitvoeringen op basis van beide uitrustingen respectievelijk 1.000 en 1.300 euro voordeliger. Het BPM-voordeel van de belastingvrije 100 pk-variant berekent de importeur helaas niet door aan de klant. Dan had die prijs nog een paar duizend euro omlaag gekund, maar zowel voor als na 1 juli kost de 125 pk-versie slechts 1.000 euro extra. Daarom zou ik iedereen die na die datum een Focus mag uitzoeken, aanraden om de krachtigste variant te kiezen. De zesversnellingsbak zal zijn meerwaarde qua rijplezier en verbruik bewijzen, terwijl meer pit altijd prettig is.
Auteur: David Joost Kamermans







